Baarmoeder: de ideale omgeving voor je ongeboren baby

Alle fases
Illustratie van eicel die rijpt in eileider en loslaat

In het kort

De baarmoeder is een uniek orgaan: er kan een baby in groeien. Het is een sterke, holle spier met een zachte binnenkant. De ideale omgeving voor een baby om zich tot de geboorte in te ontwikkelen. De baarmoeder groeit tijdens de zwangerschap wel 20 keer groter, om ruimte te maken voor de baby. Hier kan je lezen wat de baarmoeder allemaal nog meer doet.

Wat is een baarmoeder

De baarmoeder is een orgaan in je buik. Ben je niet zwanger? Dan zit de baarmoeder tussen je blaas en je darmen, diep in je bekken. Tijdens de zwangerschap groeit de baarmoeder tot onder je ribben. De baarmoeder bestaat uit twee delen: 

De baarmoederhals 

Dit wordt ook vaak baarmoedermond genoemd. Het is de opening van de baarmoeder, die uitkomt in de vagina. Tijdens de zwangerschap is de baarmoederhals ongeveer 3-4 centimeter lang en stevig, zoals de punt van je neus. Tijdens de bevalling wordt de baarmoederhals zachter en wijder. Zo kan de baby erdoorheen om geboren te worden.  

Het lichaam van de baarmoeder

Dit is het grootste deel van de baarmoeder. Hier groeit de baby in tijdens de zwangerschap. De buitenkant van het lichaam wordt ook wel de baarmoederwand genoemd. Dit kan je zien als de verpakking rondom je baby. De wand van de baarmoeder bestaat uit drie lagen: 

  • Slijmvlies. Dit is de binnenste, zachte laag, waarin een bevruchte eicel zich innestelt. Is er geen eicel bevrucht? Dan word je ongesteld en komt het slijmvlies met het bloed mee naar buiten. Daarna bouwt de laag zich weer op. Over de menstruatiecyclus kan je meer lezen in dit artikel.
  • Spierweefsel. Dit is de middelste, dikste laag. De spierlaag kan uitrekken (tijdens de zwangerschap) en samentrekken (tijdens de bevalling en als je ongesteld bent). Dit gebeurt vanzelf en wordt gestuurd door hormonen.
  • Buitenlaag. Dit is een dun vlies, dat de baarmoeder bedekt en beschermt. Het maakt deel uit van het buikvlies. 

Hoe ziet de baarmoeder eruit?

De baarmoeder heeft de vorm van een peer. Als je niet zwanger bent, is de baarmoeder ongeveer 7 centimeter lang. Zoiets als je wijsvinger. De baarmoeder weegt dan zo'n 50-80 gram. 

Tijdens de zwangerschap groeit de baarmoeder mee met je baby. Aan het eind van de zwangerschap is de baarmoeder ongeveer 35 centimeter lang en weegt meer dan 1 kilo. Het formaat lijkt dan op dat van een watermeloen. 

De baarmoeder zit niet los in je buik, maar zit vast met sterke banden. De banden rekken mee als de baarmoeder groeit tijdens de zwangerschap. Daardoor kan je tijdelijk bandenpijn hebben. 

Aan de linker- en rechterkant van de baarmoeder zitten de eileiders. De bevruchting gebeurt in de eileider, als een zaadcel bij een eicel komt. De bevruchte eicel komt door de eileider in de baarmoeder terecht. Als de eicel zich heeft ingenesteld in het slijmvlies, ben je zwanger.

Wat betekent het als de baarmoeder anders (afwijkend) gevormd is?

De baarmoeder heeft de vorm van een peer, maar soms is de vorm anders (afwijkend). Dit komt maar heel weinig voor. De baarmoeder bestaat dan bijvoorbeeld uit twee delen of heeft een hartvorm, doordat de bovenkant is ingedeukt. Als jouw baarmoeder een andere vorm heeft, ben je daarmee geboren.  

Meestal kan je gewoon zwanger worden, een gezonde zwangerschap hebben en vaginaal bevallen als je baarmoeder een andere vorm heeft. Soms zijn er extra controles in het ziekenhuis nodig.

Wat doet de baarmoeder voordat je zwanger bent?

Elke maand bereidt je baarmoeder zich voor op een mogelijke zwangerschap. Het slijmvlies in de baarmoeder wordt dikker en zachter. Dit gebeurt door hormonen. Als er geen eicel wordt bevrucht, heeft de baarmoeder dit dikke slijmvlies niet meer nodig. Het wordt dan met bloed afgevoerd via je vagina. Dit is ongesteld zijn. 

Als je ongesteld bent geweest, begint de baarmoeder weer opnieuw. Het slijmvlies wordt weer dikker. Deze cyclus herhaalt zich elke maand, behalve als je zwanger bent. Het gaat zo door tot je in de overgang komt. Hier kan je meer lezen over je vruchtbaarheid. 

Wat doet de baarmoeder tijdens de zwangerschap?

Zodra je zwanger bent, verandert er veel in je baarmoeder: 

  • Innesteling. De bevruchte eicel nestelt zich in het slijmvlies in de baarmoeder. Het slijmvlies wordt nog dikker en geeft voedingsstoffen aan de bevruchte eicel.
  • Bescherming. De baarmoederhals wordt steviger en sluit zich af met een slijmprop. Zo kunnen er geen bacteriën bij je baby komen.
  • Groeien. Door het hormoon progesteron groeit de baarmoeder mee met je baby. Dit gebeurt geleidelijk, zodat je baby altijd genoeg ruimte heeft. 

Je verloskundige voelt tijdens de controles aan je buik hoe groot je baarmoeder is. Dit zegt veel over de groei van je baby. Bij 12 weken zwangerschap komt de baarmoeder net boven je schaambot uit. Bij 20 weken zit de bovenkant van je baarmoeder bij je navel. Bij 36 weken komt de baarmoeder tot onder je ribben. 

Je baby zit in een vruchtzak in de baarmoeder. De vruchtzak is gemaakt van vliezen en gevuld met vruchtwater. Dit beschermt je baby tegen stoten van buitenaf. Ook blijft je baby lekker warm in het water. Hier kan je meer lezen over vruchtwater. 

Vanuit de bevruchte eicel ontwikkelt zich ook een placenta. Deze groeit tegen de wand van de baarmoeder aan. Hier kan je lezen wat de placenta doet. 

Wat doet de baarmoeder tijdens de bevalling?

Tijdens de bevalling laat de baarmoeder haar kracht zien. Om de paar minuten trekt de spierlaag van de baarmoeder zich samen. Dat is een wee. De weeën: 

  • openen de baarmoederhals;
  • duwen je baby naar beneden;
  • helpen je baby door je vagina heen de wereld in;
  • zorgen ervoor dat de placenta wordt geboren. 

De baarmoeder weet precies hoe het moet. Net zoals andere organen in je lichaam weten wat ze moeten doen. De baarmoeder trekt samen en ontspant weer, in een natuurlijk ritme. Als de baarmoeder ontspant, is de wee voorbij en kunnen jij en je baby een paar minuten uitrusten. Elke wee brengt je baby een beetje dichter bij de geboorte.  

Hier kan je meer lezen over het verloop van de bevalling.

Wat doet de baarmoeder na de bevalling?

In de dagen en weken na de bevalling trekt de baarmoeder samen met naweeën. Deze naweeën: 

  • maken de wond op de plek waar de placenta zat kleiner, waardoor het bloedverlies minder wordt;
  • helpen de baarmoeder weer klein te worden;
  • zorgen dat het laatste beetje bloed en slijmvlies via de vagina naar buiten komt. 

Hier kan je meer lezen over naweeën. 

Na ongeveer 6 weken is de baarmoeder weer zo klein als voor de zwangerschap. Geen enkel ander orgaan kan 20 keer zo groot worden in 9 maanden tijd, en dan weer terug krimpen. Ook is de baarmoeder een van de sterkste spieren in een mensenlichaam, en tegelijkertijd een zacht ‘nestje’ voor je baby. 

Bronnen

Prins, M., van Roosmalen, J., Smit, Y., Scherjon, S., & van Dillen, J. (Red.). (2019). Praktische verloskunde (14e herz. dr.). Bohn Stafleu van Loghum 

Gasner, A., & Aatsha, P. A. (2023). Physiology, uterus. In StatPearls [Internet]. StatPearls Publishing 

Jayaprakasan, K., & Ojha, K. (2022). Diagnosis of congenital uterine abnormalities: practical considerations. Journal of clinical medicine, 11(5), 1251