Bron: Lieveling FotografieMeteen na je bevalling heb je een pasgeboren baby om voor te zorgen. Dat is best wennen voor de meeste ouders. In de eerste 24 uur na de geboorte is alles nog heel nieuw. Voor jou en voor je baby. Je verloskundige en de kraamverzorgende helpen je op weg en zijn er voor je als je vragen hebt.
In dit artikel lees je hoe de eerste 24 uur eruitzien. Hoe gaat het met voeden, slapen, plassen en poepen? Waar moet je op letten en wanneer bel je je verloskundige?
Over de gezondheid van je baby in de eerste weken kan je hier meer lezen.
De eerste uren na de geboorte zijn je verloskundige en de kraamverzorgende bij je. Het eerste uur heet ook wel: het gouden uur. Je ontmoet je baby voor het eerst buiten de buik. Het liefst ligt je baby bloot op jouw blote borst. De meeste baby's willen dan ook al uit de borst drinken. Hier kan je meer lezen over het gouden uur.
Bij een thuisbevalling vertrekt de verloskundige twee à drie uur nadat je baby is geboren. Hier lees je wat er in deze uren gebeurt (nageboortetijdperk). Voor ze vertrekt vertelt de verloskundige waar je op kan letten bij jezelf en je baby en geeft ze belinstructies. De kraamverzorgende die bij je bevalling was, helpt jullie op weg met de verzorging van je baby.
Als je in het ziekenhuis bevalt met je eigen verloskundige (poliklinisch), ga je na een paar uur naar huis. Meestal bel je het kraambureau zodra je naar huis gaat. Er komt dan vaak een kraamverzorgende om jullie thuis op te vangen. Dit kan per kraambureau verschillen.
Na een medische ziekenhuisbevalling (met een klinisch verloskundige of gynaecoloog) verschilt het wanneer je naar huis gaat. Het hangt af van de medische reden en van hoe het met jou en je baby gaat. Als je naar huis gaat, bel je het kraambureau. Dan kan de kraamverzorgende jullie thuis opvangen.
In de eerste 24 uur na de bevalling bel je je verloskundige in de volgende situaties:
Net als tijdens de zwangerschap en de bevalling, is de verloskundige er om je te ondersteunen tijdens de kraamweek. Samen met je kraamverzorgende.
Pasgeboren baby's zijn het liefst dicht bij hun ouders. Dat voelt veilig en vertrouwd. Je kan je baby bijvoorbeeld een poosje op je blote borst leggen, met alleen een luier aan. Dit heet: huid-op-huid-contact. Je verloskundige of kraamverzorgende kan je laten zien hoe je dit doet en hoe jullie samen warm blijven. Hier is huid-op-huid-contact allemaal goed voor:
Je baby vasthouden en knuffelen is fijn en goed voor jullie allebei. Dicht bij jou voelt je baby zich veilig. Het versterkt jullie band. Je kan je baby ook bloot op jouw blote borst leggen. Dat heet: huid-op-huid-contact.
Het is belangrijk dat je baby goed kan ademen terwijl hij of zij op je borst ligt. Hier kan je op letten:
Een pasgeboren baby voelt nog niet wanneer het dag en nacht is. Je baby heeft nog geen slaapritme. De ene baby slaapt vaker of langer dan de andere baby. Gemiddeld slaapt een pasgeboren baby zestien tot twintig uur per dag, verdeeld over periodes van twee tot vier uur.
Een baby hoort minstens één keer te plassen in de eerste 24 uur. Daarna komt er per dag één natte luier bij, tot de vijfde of zesde dag. Dus twee plasluiers op dag twee, drie plasluiers op dag drie, enzovoort. Vanaf dag zes is het normaal dat je baby ongeveer zes natte luiers per dag heeft.
De eerste dagen kan de plas een roze of oranje kleur hebben. Dit komt door uraatkristallen in de plas. Deze verdwijnen vanzelf na een paar dagen, als je baby meer melk gaat drinken.
Het is normaal als een baby pas 24 tot 48 uur na de bevalling voor het eerst poept. Heeft je baby na 48 uur nog niet gepoept, bel dan je verloskundige.
De eerste drie tot vier dagen is de poep van je baby zwart en plakkerig. Deze eerste babypoep heet meconium. Als je baby een paar dagen melk heeft gedronken, wordt de poep geel.
Je kan je baby voeden wanneer je merkt dat die honger heeft. Je baby wordt dan onrustig, gaat smakken of sabbelt op de handjes. De eerste 24 uur kan je je baby in elk geval elke drie uur een voeding aanbieden.
Bij de eerste voedingen krijgt je baby steeds kleine beetjes moedermelk binnen. Deze eerste moedermelk heet colostrum. Omdat deze melk erg voedzaam is, heeft je baby genoeg aan weinig. Door je baby regelmatig aan te leggen, ga je meer melk aanmaken en gaat je baby meer drinken. Hier lees je meer over borstvoeding.
Vaak wil een baby in de eerste 24 uur veel slapen, om bij te komen van de bevalling. Ook moet het drinken uit de borst soms nog wennen. Daardoor krijgt je baby misschien bijna niks binnen. Dat is normaal. Je baby heeft de eerste 24 uur nog reserves van de zwangerschap. Er zijn nog voedingsstoffen in het lichaam die je baby via de placenta kreeg.
Probeer je baby elke twee tot drie uur aan te leggen. Zo stimuleer je de borstvoeding. Ook kan je je baby huid-op-huid bij je nemen. Dan kan je baby zelf op zoek gaan naar de tepel. De eerste moedermelk (colostrum) is heel voedzaam. Daardoor krijgt je baby genoeg voeding binnen door kleine beetjes te drinken.
Verder is het belangrijk om in de gaten te houden dat het goed gaat met de temperatuur van je baby en met het plassen en poepen. Als je vragen of zorgen hebt, kan je overleggen met je verloskundige of de kraamverzorgende. Neem altijd contact op met de verloskundige als je baby erg slaperig, suf of sloom is. Dan kan er misschien een infectie of ander probleem met de gezondheid zijn.
De normale temperatuur van je baby is tussen de 36,5 °C en 37,5 °C. Is de temperatuur onder de 36,5 °C of boven de 37,5 °C? Bel dan je verloskundige. Dit kan een teken van een infectie zijn. Daarom is het belangrijk om de temperatuur steeds te meten wanneer je de luier verschoont.
Tijdens de kraamweek kan je altijd terecht bij je verloskundige of kraamverzorgende. Zij zijn er om je te helpen, advies te geven en met je mee te denken. Heb je vragen, twijfel je of maak je je zorgen? Bel gerust.
Verloskundige kennis en expertise